
Karel van de Woestijne is nooit jong geweest. Hij was van meet af aan oud met de ouderdom van het tijdperk waarin hij opgroeide: de laatste decennia van de negentiende eeuw, die in zoveel opzichten de karaktertrekken van een herfsttij hebben, met over cultuur, tegenstrijdigheden, verzadiging en een overvloed aan eens levend cultuurgoed dat zich door de laatste gebruikers ervan nog slechts als beeldmateriaal laat gebruiken. Zijn eerste bundel gedichten, die in 1903 verscheen en de poëzie omvat die hij tussen 1896 en 1902 schreef - tussen zijn achttiende en vierentwintigste jaar - heet Het vaderhuis, - spiegelbeeld blijkt vaderbeeld, vaderhuis is het huis van de jeugd -
- Ik was een kind, en mat het leven aan den lach van mijne moeder, dat niet blij was, en aan het waren der schemeringen om de bomen, en der jaren
om 't vredig leven van den roekeloze dag.
Blz: 294
Adverteerder
G.J.van der velden
B.D.J.D.
Veenendaal (UT)
Er zijn nog geen biedingen gedaan.